Fragmenten uit "Waarom maken we nog nieuwe beelden?"

Fragmenten uit "WAAROM MAKEN WE NOG NIEUWE BEELDEN"?

0. de vraagstelling.

WAAROM MAKEN WE NOG NIEUWE BEELDEN? Een complexe probleemstelling. Vanuit de positie van de maker komt een heel pak vragen naar boven van bij de aanvang, de preconceptuele faze tot de finalizatie van een werk. Of misschien beter: het stoppen van een specifiek creatief proces door de kunstenaar om wat voor reden dan ook. WAAROM NIEUWE BEELDEN. We moeten het hier niet te ver gaan zoeken in de deontologische hoek, maar eerder vanuit de activiteit van het maken zelf, waarom het volgende werk zich plots aandient. Waarom zou de kunstenaar een nieuw beeld gaan maken? Veel over theorie en praktijk maar eigenlijk bekommert zij/hij er zich niet zoveel om. WE. De status van de auteur, de maker, de receptieve kant, de organizatoren: telkens andere invalshoeken door een radicaal kiezen voor nieuwe houdingen: het collectieve, het algorithmisch-generatieve, de technologie. De uitleg volgt dan later wel. Eerst actie en dan management en niet omgekeerd. HET MAKEN VAN NIEUWE BEELDEN. Hoe worden vandaag beelden gemaakt. De mish-mash en collages voorbij. Welke technieken en voor welk onderwijs, welke materialen, concepten. Hebben we werkelijk uit een vreemde voorbije eeuw iets geleerd? WELKE NIEUWE BEELDEN. De status van het beeld. Niet meer de discipline maar een multiplicitaire assemblage met transversale interacties. Wat zijn onze nieuwe beelden: de ecologische terugslag in een audiovisuele en gecodeerde synthetische wereld. Of de doorgedreven algorihmizering als aanval op de culturele hegemonie? Welke houdingen zijn er nog mogelijk. Hoe anders zien we iets vandaag. Welke makers maken beelden anders. Welke beelden maken ons als makers anders. Jaren geleden was ik geirriteerd toen Bart de Baere op een avond bijna dwangmatig 'beelden' bleef herhalen. Verderop in deze tekst doe ik restitutie. Vandaag zijn wij dwangmatig. Vandaar een veel te lange en heterogene tekst.

Blijkbaar was die millenium bug nog helemaal niet zo slecht gepland als we nadien allemaal dachten. Ogenschijnlijk was er niets veranderd. Maar de realiteit werd pijnlijk duidelijk jaar na jaar. De academische heilige koe, het postmodernisme, lag allang op sterven na dood. Er had zich een andere autonome cultuur ontwikkeld - die niet compatibel bleek te zijn met de zich sneller opvolgende theorieen - en die was gebaseerd op de synthese van het nieuwe. Nieuwe apparaten, en: nieuwe meesters, nieuwe wetten (lees evaluaties), en dus nieuwe werken? In de 30 jaar oude culturele wending, met alle mogelijke correcties, trad een vermoeidheid op, nu er uit die hoek geen bestsellers meer kwamen. Van rhizome, tot empire en multitude. En vandaar snel verder het niets in. Het oude liedje, de kunst had zichzelf ontmanteld, dat was juist opgemerkt. Maar dat de stukken stilletjes waren verkocht in primitieve neoliberalistische zin, en enkel aan de 'globally happy few', dat was een verrassing. Auteursrechten bleken dan ook niet meer door de echte auteurs ondersteund, een symptoom. Exit (kunst)kritiek en vernieuwing, in de wirwar van onbepaaldheid en het retorische, zou je denken. Maar economie en politiek schoten gaandeweg uit eigenbelang ter hulp. Tevergeefs voor de meesten.

De pogingen om het artistieke een utilitaire zin te geven, zijn nog steeds te merken aan de voortdurende en vervelende uitbouw van de zgn. 'creative industries'. In de laatste subsidie rondes in Nederland lijkt zich een vage tendens af te tekenen, waarbij de experimentele kunst en media labs gaandeweg gedwongen worden zelfvoorzienend te gaan denken. Het noodzakelijke samengaan van een profit en non-profit, zoals het suksesvolle Mediamatic probeert, lijkt de regel te worden. Het aloude Steim had al een negatief in dezelfde zin, en het V2 lab kreeg dan ook vorig jaar te horen dat het goed werk leverde maar niet kon gesteund worden als het niet meer met de industrie samenwerkte. De idee is de sanering van het overheidshuishouden door private instroom van gelden, gebaseerd op samenwerking. Maar veel meer dan wat city marketing of hand- en spandiensten voor architectuur en stadsfestivals komt daar meestal niet uit. En uit plaatsgebrek hebben we het hier niet over de game en populaire cultuur.
De helden van de privatizering van de kunst situeerden we vooral bij onze noorderburen, bij wijze van voorbeeld natuurlijk, maar systematisch komt ook een analoge manier van denken opsteken in het Belgische cultuur-politieke debat.

Bij het toekennen van de subsidies voor de komende 4 jaar in april 2009, was een merkwaardige paragraaf te lezen op pagina 3 van de toelichting van de Minister van Cultuur. Vraag is en blijft of een minister van cultuur de impact heeft om een specifieke tewerkstelling en kwantitatieve groei in de "subsector" van de audiovisuele kunst te regelen, en daar kan niemand iets tegen hebben natuurlijk. Maar dan wordt als oplossing voor de zgn. "pijnpunten" gesuggereerd:
"Vernieuwde distributiekanalen, open werkateliers en een dynamisch en vernieuwend audiovisueel tijdschrift dat de nodige theoretische omkadering en reflectie kan bieden. Er ontbreekt ook een algemene depotregeling voor digitale creaties."
Deze deus ex machina redenering verbindt naadloos het vernieuwende en experimentele met de utopie van een economische ontwikkeling. En dit in tijden van crisis waarbij naast de autosector zelfs de grote pianofabrieken door de knieen gaan. De omkering hier, waarbij de audiovisuele kunst zou werken met verouderde communicatiekanalen, geen theoretische of praktische reflectie heeft, en zich ontologisch zou beperken tot een aantal materiele producten, bewijst een verregaand onbegrip voor de huidige vernieuwingstendenzen in de kunst, en dus voor onze beeldcultuur.

Maar niet alleen het overheids-politieke lijkt daarbij de draad wat kwijt te zijn. Na de afbraak van het disciplinaire lijkt ook het onderwijs geen aansluiting meer te vinden, voor het genereren van kunstenaars, die experimenteel met media en audiovisuele kunst kunnen omgaan. Het gaat hier niet enkel over het leren creatief omgaan met technologische middelen, maar ook over een transparante doorstroming van 25 jaar nieuwe concepten en structuren, en het anders denken over het kunstwerk vanuit de verschillende achtergronden van productie. De enige oplossing om het technologisch artistieke te benaderen, en dus anders te leren zien, zal er een zijn vanuit een inzicht van de generatieve context als ecologie. En het anders plaatsen van de kunstenaar in opleiding in het educatieve proces. Maar gedeeltelijk door identieke (en hierboven reeds vermelde) financieel-economische zelfstandigheidstendenzen, lijken instituten zich meer bezig te houden met het marketen van steeds langere opleidingen, dan het afleveren van autonome en creatieve kunstenaars. De artistieke curricula lijken zich dan ook meer traditioneel te positioneren dan dat ze een experimentele en transversale aanpak huldigen. In de audiovisuele cultuur is zeker een teruggrijpen te merken naar de studie van de ouwe gouwen als Clement Greenberg, Erwin Panofsky, Theodor Adorno of Walter Benjamin. Dat wordt wat aangevuld met wat vroege postmodernen. Als uitzondering vermelden we hier bvb. als opzet Art-Science Den Haag, met een open aanpak en gericht op samenwerking. Maar nergens lijkt het elders te komen tot een synthese tussen wat gaandeweg een nieuw model kan genereren tussen de theorie over en praktijk van de kunst. Nergens lijkt de wil er om de huidige crisis aan te vatten als vraagstelling. Of om verandering op gang te brengen. Terug in de tijd is altijd goed als het heden wringt. En misschien lijkt het fijn eens een tijdje te kunnen dutten, voor er zich iets nieuws aandient. Gezellig wachten.

http://www.kunstenenerfgoed.be/ake/download/nl/2259785/file/pb_kunstende...
http://urbanprojection.medialab.hva.nl/2009/04/02/contentmakers-gezocht/
http://playthisthing.com/game-criticism-why-we-need-it-and-why-reviews-a...
http://www.interfaculty.nl/studyguide2008-2009.pdf

De vraag naar hoe we het nieuwe zien lijkt gaandeweg onmogelijk te gaan worden. Door de druk van het economisch bestel en niet in het minst door de algemene consoliderende houding van de kunstenaars zelf, slagen we er maar niet in uit te stijgen boven het traditionele. Historisch gezien komen steeds dezelfde argumenten terug. Het onbegrip voor vernieuwing:
1. het is onaf, niet afgewerkt, niet consistent
2. het is te fragmentair en te contradictorisch
3. het is zinloos en sluit niet aan bij het gangbare, het acceptabele
4. het is hermetisch, autonoom, te reflexief
5. het is anti-dogmatisch en verward, chaotisch in voorkomen
6. het is een puur technisch verhaal, en het mist diepgang

Vanuit het culturele bestel, blijven we geplaagd door het na-effect van de postmoderne blindheid voor 25 jaar synthese van audiovisuele artefacten. Het generatieve op zich. Media kritiek hield zich liever bezig met de gemakkelijke assemblages van de DJ/VJs, wat oi weinig met nieuwe beeldcultuur te maken heeft, maar makkelijker het intellectuele schoentje paste.

Toch lijkt het erop dat tendenzen tot verandering zich sporadisch doorzetten, buiten de bovenstaande beschrijving van de fatalistische stilstand om. Er is een groeiende andere culturele houding, er komen andere vormen van organizatie. Niet in het minst voor een andere distributie van creatieve werken. Gedreven door het autonomiserings effect van ontwikkelingen in open source hard- en software - niet alleen op het collectieve operating system linux gebaseerd, maar zeker met dat model als basis - krijgen we een vernieuwde aandacht voor het collectieve. Het organiseren van ad hoc samenwerkingen tussen mediakunstenaars voor het ontwikkelen van "skills & tools". Ook worden open samenkomsten en workshops opgezet die een eigen autonome educatie suggereren: buiten industrie, onderwijs en politiek om.

Maar ook een inhoudelijke vernieuwing lijkt gestimuleerd door deze autonome attitude. Misschien merken we nu pas in het zich ontwikkelende veld dat er een werkelijke niet-disciplinaire invulling bestaat voor een nieuw soort kunstwerk. Zij het klank, beeld of code, het wordt gemaakt door kunstenaars die naadloos over de disciplinaire en media grenzen kunnen heenstappen. Gestimuleerd door de goedkope beschikbaarheid en de miniaturisatie/mobiliteit van de apparatuur. En natuurlijk door de alomtegenwoordigheid van de verschillende communicatie netwerken.

Dit alles zou suggereren dat een andere evaluatie ten aanzien van nieuwe beelden zich aankondigt. Maar dit zou dan toch eerder gesignaleerd moeten zijn vanuit het samengaan van wetenschap en kunst. Of nog: vanuit gezamelijke onderzoeksprogramma's door academies en universiteiten. Dat mooie organizeren en vooral managen, gestimuleerd door de Europese eenheidsgedachte. Maar misschien zit dat dan alweer te zeer opgesloten in een eigen crisis, waarbij als oplossing de sterkere formalisatie de uitweg moet bieden. Wij argumenteren dat enkel door het opengooien van de instituties en de inhouden, vanuit de toegepaste en theoretische disciplines, we nieuw beelden kunnen maken/vinden. Tenslotte, het immer expansief gericht Europa, dient dringend de andere attitudes vanuit de nieuwe configuratie oostwaarts, centraal en zuidelijk te integreren. Anderzijds dient een integratie ook aan de randen van het emperium verandering te provoceren, in een actief eisen van (multi)culturele steun vanuit de specifieke overheden, aan een nu lamme regionale kunstontwikkeling. Het is te gemakkelijk voor het centrum om zichzelf als overwinnaar uit te roepen terwijl er eigenlijk geen meer competitie bestaat. Maar het zal duidelijk wezen, nieuwe beelden worden elders gemaakt, en met een veranderlijke visie. Laten we ons geen illusies maken. Le roi se meurt.

Het ecotechnologische als basis voor een nieuwe mediakunst. Ecologie in de zin van Guattari's Three Ecologies: "environment, social relations, human subjectivity". Ecologie ook in de zin van Matthew Fuller: "...to indicate and dynamic interrelation of processes and objects, beings and things, patterns and matter. At the same time, like Schwitter's scraps and scrag-ends, it is a term that obviously has a history".
Net zoals indertijd Robert Smithson het ecologische als fundamentele kritiek neemt voor ineens de hele kunst, die hij tot een einde wil brengen, beschrijft Guattari het ecologische als een "escape route out of contemporary history". En verbindt hij de ethische implicaties met een attitude en manier van handelen analoog aan het artistiek-aesthetische, en onmiddellijk gericht tegen de deterioriserende effecten van het kapitalistisch waardensysteem. Hij pleit daarbinnen voor de creatieve autonomie van de heterogenesis, het bewust niet oplossen van de tegenstellingen, met een overname en "re-tooling" van de media door kleine gevarieerde en vooral verantwoordelijke groepen als individuen. In principe past Fuller dit toe op de bestaande analoge en digitale media, en vooral de nieuwe materialiteit van de taal, dus de beschrijving zelf als onderdeel van de media ecologie.

Het is duidelijk dat de vernieuwingen van het beeld, en kunst in het algemeen, in deze context dienen gesitueerd te worden. Hoe maken we nieuwe beelden? Dus vanuit een andere visie van de omgeving. En bewust van nieuwe materialen die nieuwe constructies suggereren: kritiek op maatschappij, kritiek op kunst, kritiek op media, institutionele kritiek. De betrokken kunstenaars zijn er zelf niet al te expliciet over. Maar het is impliciet verweven met de methodes en attitudes ten aanzien van het nieuwe creatieve. De verschillende groepen werken erg heterogeen maar collaboratief. Zelfbewust. Experimenteel en onafhankelijk. Een vernieuwde samenhang van installatie, performance, netkunst. Een bekommernis om de omgeving en het sociale. Het verleden heeft de geur van stilstand. De crisis in de economie en de wetenschap, de crisis van de huidige instituties, zal aan hen voorbij gaan. Elders worden blogs en sites gevuld oude bewoordingen, advertenties en portfolio's voor zichzelf. Maar hier wordt een ander netwerk gecreeerd, resistent tegenover cultuur-politieke en commerciele overname.

http://www.iaacblog.com/2008-2009/term03/rs2/wp-content/uploads/2009/03/...
http://www.spc.org/fuller/texts/art-methodologies-in-media-ecology/
http://en.wikipedia.org/wiki/Kurt_Schwitters

Hoe gaat die hedendaagse beeldenmaker, iconoklast, te werk? Iedereen doet het natuurlijk een beetje verschillend maar er zijn een aantal gemeenschappelijke methodes en concepten te vinden. Vooreerst de interesse in het beeld als fysisch gegeven. De analyse van wat beeld is: lengte van golven, intensiteit, richting, polarisatie. Het ruimtelijke karakter: het inwerken van de omgeving, en omgekeerd, het plaatsen van beelden in een veld, artificieel of natuurlijk. Het dynamische karakter: de vector, slide van A naar B. Verandering. De computer als ultieme materie: perceptie, analyse, synthese, concept generator, tijds interpolaties. Afdalen naar het fysische essentiele voor deze vormen manipulatie zelf: de algoritmes. Tenslotte de overslag of feedback. De aanwezigheid van de kunstenaar en de materie in een nieuwe ruimte daardoor: reeel, in het datanetwerk, in het veranderend geheugen in de machine. Net zoals Smithson, Guattari en Fuller aangeven. In een netwerk van beeld, klank, code, text. Het zijn componenten van een zelfde omgeving. De media ecologie als uitgangspunt en werkruimte. Een geimplodeerde wereld plots in volle expansie.

Daarin ontwikkelt zich ook de sociale activiteit van het creeren. Of zoals goto10 de server indeelt: call, concert, conference, event, exhibition, gallery, hardware, lecture, panel, performance, presentation, pure data, pure:dyne, text, workshop. Of zoals hun publicatie aangeeft: Graphics, Working with sound, Working with others, Publishing your work, Working with digital video, Software art, Developing your own hardware. De makers beschrijven hoe ze tewerk gaan, delen kennis en vaardigheden met anderen. Helemaal anders dan de protectionistische en individualistische achtergronden die de 20e eeuwse kunst domineerden. Misschien nemen deze collectief georganizeerde kunstenaars hiermee voor een stuk afscheid van de gallerij, het museum, het instituut. Door een eigen parallelle instantie op te richten, een eigen veld of omgeving, die de autonomie belooft. De studio waar de kunstenaar niet met de hegemonie van de hedendaagse kunst hoeft rekening te houden. De anti-canon. Waar er een directere band bestaat met het sociale. Waar zich het echte publiek bevindt. En vooral waar er geen centrum meer is. Geen eenduidige evaluatie van goed en kwaad, mooi of lelijk. Waar het hedendaagse ongestraft een noodzakelijke discontinuiteit door het maken van nieuwe beelden kan uitvoeren.

In een collectie online essays probeerden we vorig jaar de gevarieerdheid in kaart te brengen (zie: http://memoir.okno.be/?id=1218). Je vindt er ook een kortere versie van een o.i. richtinggevende text van Simon Yuill: All Problems of Notation Will be Solved by the Masses. Simon Yuill brengt een flamboyante evocatie van wat de technologische kunst verschaft, opgehangen in een historisch en hedendaags vertoog. Misschien de beste introductie en beschrijving van het waarom en het hoe. Het (niet) beantwoorden van de aanvankelijk gestelde vraag WAAROM MAKEN WE NOG NIEUWE BEELDEN? Voor de volledige text, klik door naar http://www.metamute.org/en/All-Problems-of-Notation-Will-be-Solved-by-th...

http://goto10.org/
http://www.digitalartistshandbook.org/
http://www.yourmachines.org/
http://www.streamingsuitcase.com/
http://constantvzw.org
http://fo.am
http://www.deepblue.be

1. Denizen.

Centraal Europa. De geschiedenis herbekijken vanuit het Oostenrijks-Hongaarse verleden, Tsjechie en Polen. Maar ook de Ukraine en Balkan. Misschien is het leven hier anders. dat houdt in dat ik dan de wereld anders waarneem. Dat vreemde spel met taal en statische geografie waarin ik opgroeide. Misschien dat ik de eigen cultuur wat opwaardeer en anderzijds zeker relativeer, en tenslotte identiteit minder belangrijk vind. Misschien als kunstenaar verandert mijn perceptie door het contact met andere klanken (taal, landklimaat, andere steden). Over de jaren heen vind ik het individu en de persoon van de kunstenaar minder belangrijk, dat is zeker. Mobiliteit gaat hier natuurlijker. Het collectieve bewegen.
Ik lees andere boeken: Changes of Changes door L'ubomír Lipták (2002, historicky ustav slovenkej akadémie vied), een intrigerende verzameling kritische historische teksten over de veranderingen in mentaliteit en gedrag in het hart van Europa, in een heel controversiele 20e eeuw. The way between Belgrade and Prishtina has 28000 un-proper build objects. So, never it will be an autobahn! ed. Albert Heta en Vala Osmani (2008, stacion center contemporary art) gekregen van Shelbatra Jashari, samen met http://www.eipcp.net/ en Chto delat? http://www.chtodelat.org over kritiek, kunst en maatschappij. Ik probeer A2 http://www.advojka.cz/ en Umelec http://www.divus.cz/umelec te lezen, maar dat is moeizaam en met woordenboek en vaak vraag ik hulp. Het begin voor een discussie. Zoo or Letters Not about Love door Viktor Shklovsky, orig. 1923 in een recente vertaling. Misschien ga ik nu anders kijken en andere dingen zien. misschien begrijp ik beter Jan Mukařovský dan 30 jaar geleden. Misschien lees ik daarom opnieuw af en toe in Robert Musil's Der Mann ohne Eigenschaften, maar nu in de originele taal, omdat ik hier vlakbij Wenen zit. Misschien kunnen we alleen maar aan andere dingen denken als we van omgeving veranderen. Dat houdt in de auditieve, visuele, algorithmische, de veldveranderingen in de omgeving te onderkennen. Om te overleven worden we gedwongen te reizen. Om te creeren kiezen we er voor.

2.
Bratislava. Net voor het vertrek even vluchtig doorgelezen: "BAM dossier kunsten en erfgoed, gescheiden werelden?" Het is goed eens na te denken over de relatie cultureel erfgoed. Alhoewel hier gaat het nogal beperkend over kunst als cultureel erfgoed en dat vernauwt de discussie toch. In Praag wacht een project in een oud historisch waterzuiveringsstation. Het is cultureel erfgoed waarbij de board en directeurs een poging doen om nieuwe kunst te brengen, vanuit ecologisch-technologische achtergrond. Een stel jonge mensen met visie. Verder lezen doorheen de teksten. Algemeen heb ik de indruk dat de auteurs heel erg goed de overheidsteksten kennen en in die zin, pragmatisch gewoon achter de politiek nahollen. Zelfs al zou het omgekeerd zijn, het lijkt een beetje vreemd. Uiteraard zitten we in tijden waarbij de kunstenaar alles moet zijn wat bij het maken van kunst hoort, om nog een ondersteuning te kunnen krijgen. Onderzoeker, criticus, onderwijskundige, bedrijfsmanager, in dialoog met de overheid, schrijver, documentalist, populair charmeur. Maar misschien zijn niet alle kunstenaars zo veelzijdig, en misschien wordt de kunst daar precies helemaal saai en vervelend door. Maar alvast toont het aan dat een goed kunstenaar vooral een goed burger moet zijn. Locaal, internationaal en globaal. Haha. Voor het grootste deel zijn de teksten ingegraven in een statisch kunstbeeld, en lijken de vernoemde media die van 20 jaar geleden te zijn: "de kranten, de grotere tijdschriften, radio, tv...". Ook lijkt het erop dat er weinig andere stemmen zijn die zich kritisch lijken op te stellen tegenover het afschilderen van een oude wereld met competitie, protectionisme (regionalisering, internationalisering, globalisering), zelfvoldaanheid... Verrassend en verfrissend is daarentegen de tekst van Bart De Baere "Niet-het-internationale-maar-het-globale en de beeldende kunst". Hij lijkt het denkkader waarbinnen we in de realiteit werken te verruimen. Weg van het vakjesdenken, de indelingen in het moeilijke organigram waarbij we altijd een "subdiscipline" zullen blijven. In werkelijkheid bestrijken we door precies de laterale verbanden tussen alle vormen van kunst maken een heel veld. Ik blijf een 'denizen' die zich af en toe ergens langer vestigt en integreert. Om te kunnen werken aan een aantal moeilijkere en langere werken. Zelden solo, een aantal kunstenaars kiezen nu eenmaal radicaal voor collaboratieve werken, in een procesmatige aanpak. En hier houden de mensen van samenwerking. Maar misschien schatten we dit fout in. Allez, genoeg daarover. Kom, we zijn hier weg.

http://www.bamart.be/dossiers/detail/nl/46
http://www.bamart.be/pages/detail/nl/2703
http://www.ekotechnickemuseum.cz/

3.
Via Praag doorreizen met de trein naar Berlijn. Gesprekken rond ecologische mediakunst. Dwars van de nieuwe hype, de irritante come-back van new age in het duur betaalde kleedje van de keizer. Na de ecologische auto's en bankkaarten, moeten we ons nu gaan bezighouden met werken rond klimaatsverandering. Dit lijkt nogal absurd, en duidelijk politiek gestuurd. We zijn kunstenaars die al jaren met natuurlijke omgevingen werken, maar niet met de slogans. De rol van het environmentele, het netwerk als ecologie, met de artefacten die we daarin plaatsen, lijkt belangrijker. Het synthetische, het digitale, in dat netwerk als nieuwe materie voor exploratie. Er is geen contradictie natuur-cultuur daarbij. Integendeel, het naadloos samengaan, het langzaam veranderen van het ene door het andere en omgekeerd. Klanken en beelden. De code. Bovendien gebruiken we het ecologische precies als motor tot politiek-culturele verandering. Tegen het regulerende en pragmatische. "Ik zou niet weten wat te doen op een klimaatconferentie, laat staan er een kunstwerk voor te maken" zei iemand laatst. "Klinkt een beetje belerend, en waarschijnlijk binnenkort helemaal fout" (anonieme quote).

http://moks.ee/site/pmwiki.php
http://www.singuhr.de/page.php?ID=443
http://www.isea2010ruhr.org/
http://1904.cc/aether/pages/media.php

4.
Doorvliegen naar Brussel. Okno als kunstenaars organizatie. We lijken wel bedrijfsmanager, in dialoog met de overheid of niet, schrijver, documentalist. Besprekingen rond structurele en programmatorische uitbouw van de organizatie de komende 3-4 jaar. Uitwerken van de verdere programmatie dit jaar: 25 events die stuk voor stuk een aspect van de laatste decennia media kunst onderzoeken. Op een actieve manier, van onder uit. We organizeren. Ondertussen praten we over de werken die we plannen in de daktuin in aanleg. We worden weer een beetje meer kunstenaar.
Als gast Lenka Dolanova, criticus en programmator. Ze werkt aan een Phd over de pioniers van de digitale film, de Vasulkas. Hoe beiden Woody en Steina bijna een persoonlijke relatie uitbouwen met de tools waarmee ze werken. Dialogue with the (Demons in the) Tool. De performatieve aanpak van beeldsynthese. Vervolgens de bevreemdende "Day 70 = 11 March The Return of Magellan (not completed; Frampton's birthday)" met de hermetische conceptualizering van het visuele. Determinisme en chaos. Het hermetische werk van de in 1984 gestorven video synthese pionier Hollis Frampton, die de geschiedenis van de film wou afronden met een gigantische nooit afgewerkte cyclus rond Magellan.
Politics of Change is een publicatie in een langer project van Annemie Maes. Het gaat over empowerment, feminisme, verandering in denken door ecologie.
Dan de familie bezoeken in Gent. Kleren wassen. Even een namiddag aan zee als vakantie, tenslotte heeft Centraal Europa een landklimaat, en mis je de zeewind. Net gelezen: 'Designs for an anthropology of the contemporary' waarin Paul Rabinow, George Marcus, James Faubion en Tobias Rees op een intrigerende manier de eigen discipline proberen te vernieuwen. Meer dan 20 jaar na het legendarische 'Writing Culture'. Over de crisis van de anthropologie. Eigenlijk ook over de algemene crisis van onze cultuur en wetenschap. Over 'Norms and Forms'. Het failliet van de laastste 20 jaar.

http://okno.be/vasulkas
http://www.vasulka.org/
http://okno.be/frampton
http://hollisframpton.org.uk/
http://okno.be/taxonomy/term/31
http://press.princeton.edu/titles/6273.html

5.
Terug naar Praag. In Školska28 galerie werkt het Amerikaanse duo Barney Haynes and Jennifer Parker werken met een aantal locale kunstenaars aan een een gevarieerde robotica installatie, sonicSENSE. Samen met Michal Kindernay werken we nadien een gedeelte uit van een meer ambitieus project, de zgn. Art Pollution Kit. Die maakt gebruik van een goekope open source data acquisitie board, Arduino. Met sensoren voor het analyzeren van luchtqualiteit, ozon gehalte. Maar de bestelde sensoren zijn niet opgestuurd, dus werken we noodgedwongen aan een aantal algorithmes die vanuit perceptie standpunt, een zogenaamde pollutie factor opleveren voor klank en beeld. Voor klank gebruiken we de beat-frequency waarde. Voor het visuele werkten we met de distributie van de luminantie in het beeld. We maken een statistische analyse van de zgn. 'kurtosis' en 'skewness'. Dit lijkt zowat de visuele pendant van 'noisiness' voor klank. Maar we bekijken ook de snelheid van het beeld. Zoals de futuristen al suggereerden bijna 100 jaar geleden, haha.
De bedoeling van de Art Pollution Kit is om een eenvoudige en goedkope module te maken voor kunstenaars die ecologische werken willen baseren op creatieve visualiseringen en sonificaties van pollutiedata. Het eerste werk dat we maken is 'tapestry', een soort van generatief virtueel "tapijt" dat geweven wordt met de geregistreerde data. Een soort lang geheugen met vervuiling.

Gaandeweg verandert de hele idee van het leren en ontwikkelen door een verandering in het maken van kunst. Misschien zijn er zaken te vermelden waarvan de impact op het maken van niewe beelden groter is dan via de traditionele narratieven. Die zich vaak beperken tot het beschrijven van reacties, tendenzen en stromingen. Maar maakt het gebruik van "free and open source operating systems, software, hardware" dan wel andere kunst? Ja, als we het collectieve als onderdeel van de mediakunst ecologie zien. Net zoals een ander bvb. "creative commons" copyright systeem dat is. Een adequate countering voor de steeds grotere impact van de technologische industrie op de maatschappij en het creatieve proces.
Misschien lijkt dit meer op wat Flusser beschreef als een wil in de technologie tot zichzelf te ontwikkelen, en vooral zijn historische trits van beeld naar schrift als kritiek op het beeld, naar code als kritiek op het schrift (en niet beeld als kritiek op schrift dat op zich al een kritiek op beeld was). Vanuit een vernieuwende creatieve context, die onafhankelijkheid van middelen, inhoud en esthetiek huldigt, hebben we geen andere keuze dan radicaal gebruik te maken van open source hardware en software. Wat beter kan het kunstonderwijs en de wetenschap aan kritische en creatieve mensen meegeven? Dus ook het kunstonderwijs verandert daardoor. De vraagstelling naar wat te onderwijzen om nieuwe beelden te maken, vraagt om een diepere institutionele kritiek, die moeilijk ligt in de instituties zelf en het beheer ervan. De oprukkende formalisatie en reorganisatie van het onderwijs is vooral structureel en economisch-financieel gedreven. Het verhinderen van de mogelijkheid een dynamisch curriculum-invulling te ontwikkelen in experimentele zin door regulatie en formalisatie, in combinatie met een idee van rendabiliteit, efficientie en gebruiksgemak (door nog enkel te gaan onderwijzen wat aantrekkelijk is voor een meerderheid van de klanten - lees ingeschreven studenten). De andere creatieve aanpak is te tijdrovend en arbeidsintensief. Dus enkel standaard modules vinden hun weg. Voor alles wat te heet en te zwaar is wordt geacht het zelf te vinden, en de nodige vaardigheden in te ontwikkelen. Dus exit experimentele richtingen in de kunst.
Anderzijds, door het opdringen van educatieve functies aan de culturele organizaties tekenen zich gaandeweg een serie alternatieve trajecten af. Ondanks het niet subsidieren van educatief onderlegde omgevingen, met professionele educatieve mensen daarin, in het culturele veld, wordt een educatief plan als essentieel gesteld voor verdere culturele steun. Een wildgroei aan workshops, zonder veel follow-up, evaluatie of planning is het resultaat. Maar niet overal. Het x-med-k initiatief heeft aangetoond dat er potentieel is in een samenwerking tussen organizaties om het huidige ontbreken van een specifieke opleiding in nieuwe media kunst in de regio te remedieren. Dat dit leidt tot een verdere disintegratie tussen kunstonderwijs op alle niveaus, en het praktiserende veld, zal verder (liefst vegetarische) worst wezen voor het beleid van kunst en onderwijs, meer begaan met een interne huishouding en eigen prestige. Maar misschien hoort de zelfstudie, gekoppeld aan de zingeving - met name de ontwikkeling van nieuwe beelden - beter thuis buiten de huidige educatieve instellingen?

Vorig jaar zetten we een project op in de zgn. 4 Višegrad landen: Hongarije, Slovakije, Tsjechie, Polen. De idee was het ontwikkelen van een tussenplatform tussen hoger kunstonderwijs en jonge media kunstenaars in het algemeen. Participanten waren: Institut Intermedii Praha, Intermedia Faculty Budapest, de academie van Banska Bystrica, het conservatorium/The Polish Society for Electroacoustic Music Krakow, en de eigen non-profit in Bratislava, col-me [the co-located media expedition]. De volgende thematische workshops werden gedurende een week georganizeerd bij elk van de participanten:audio programmeren, GPS en mapping systems, visueel programmeren, physical computing + toy hacking. Allemaal basics. Maar een essentiele aanvulling om vandaag te kunnen werken in een interactief-technologische omgeving. Voor de meeste participanten waren het de eerste stappen, maar belangrijk is dat de werken van de kunstenaars na 6 maanden duidelijk veranderd zijn. Na de workshops in Praag, verder door naar Krakow. Dan eindelijk terug naar Bratislava. Eindelijk verlost van dezelfde bagage waarmee je het moet doen gedurende weken 'on the road'. 1 computer. een multichannel soundcard. connectors en een pak kabels. twee arduino's met sensoren en wat basis electronica, een wireless shield. een zoom h4 digitale recorder en 2 sets microfoons. 2 zelfbouw hydrofoons voor infrasone en onderwater opnames. een petterson ultrasoon detector. een kleine digitale videocamera. een usb-dmx sturing voor 250 lichtbronnen. batterijen en een batterijlader. kleren voor ten minste 7 dagen. de boeken terug op het rek. Jáchim Topol - City Sister Silver (recent verfilmd, Catbird Press), Charlie Gere - Digital Culture (Reaction Books), Christoph Kluetsch - Computer Grafik (Springer).

http://www.skolska28.cz/
http://www.sonicsense.net/
http://www.societyofalgorithm.org/yo-yo/yo-yo/fotos/index.php?dir=pollut...
http://en.wikipedia.org/wiki/Free_and_open_source_software
http://www.fsf.org/
http://www.ifossf.org/
http://en.wikipedia.org/wiki/Creative_Commons
http://creativecommons.org
http://www.xmedk.be/?id=624
http://www.iim.cz/wiki/index.php/Coop
http://arduino.cc/
http://puredata.info/
http://www.audiosynth.com/
http://processing.org/

6.
Terug thuis. Het duurt altijd een paar dagen om "echt" te landen. Wat opgenomen en gesaved materiaal editeren. Afwerken van een paar patches. Documentatie en teksten. Voorbereiden van een paar werken voor de komende maand. Lezen, wat studeren. Administratie. Het enige wat maar blijft komen. Het overbruggen van studietijd tot pensioen gebeurt voor de kunstenaar doorheen de administratie. Meeting met Nina Czegledy en Bettina Schuelke in het audiovisueel departement van de Universiteit Wenen. Beide kunstenaars werken samen aan de 'Aurora' installatie, die is gebaseerd op noorderlicht. De hardware met alweer arduino board en RGB-LEDs werd ontwikkeld in Kitchen Budapest. Ze hebben een probleem met de interactie en de spatialisering van de klank in de installatie, synchroon met de lichtveranderingen. Ik beloof hen eraan te werken en de code door te sturen tegen eind april. Met een infrarood 360 graden bewakings camera zoals je in de tram of metro ziet, is het met max of pure data eenvoudig de beweging van de bezoekers te tracken. Vervolgens het centrum van de beweging te bepalen. Dan de volumes voor de 4 speakers gelijk met de beweging te laten veranderen in de ruimte, spatieel. De informatie te gebruiken voor de intensiteitsverschillen en kleurveranderingen van de LEDs via de arduino board. Beschrijf ik hier hoe nieuwe beelden worden gemaakt en dynamisch worden veranderd? De volgende dag heb ik een langer gesprek met Michal Murin, een van de meest interessante mediakunst educators en organizators in Slovakije. Hij werkt aan een installatie ook in een ruimte maar hier worden beelden door de klank via 2 microfoons gestuurd. Een soort geprojecteerde Etch-a-sketch. Ligt dicht bij Nina en Bettina's installatie en ik beloof er ook eens naar te kijken tegen eind april. Denken aan Elisha Grey, en zijn magische teleautograph. Na een paar dagen uitrusten, via Wenen naar Brussel om in OKNO een week te werken aan Sam Ashley's installatie "Life is Short and Getting Shorter All the Time". De installatie is vrij moeilijk op te bouwen maar materieel gezien zo eenvoudig: iedereen kan het thuis proberen. Sinds januari bouwen we met iedereen in Okno aan een content management system, om de documentatie van de 25 events zo conform mogelijk te laten gebeuren. Hierin proberen we de dynamiek van het maken van de werken te vatten. In artistieke research zien we te vaak enkel het epistemologisch behandelen daarvan. We willen uiteindelijk komen tot het representeren van de primaire zaken, om tot andere analyzes en evaluaties te kunnen komen. Via de kunstenaars zelf te werken. Sam's installatie wordt als eerste op die manier gedocumenteerd. Het is niet eenvoudig een open systeem te bouwen, die meegroeit met de aard van de inhoud zelf. De verschillende media hopen we anders te brengen. We zijn geen facebook of youtube. Wij als gewone kunstenaars hebben andere noden, om online te kunnen werken. De noodzakelijke samenwerking met onze server administrator is een belangrijk gegeven. Zij werkt bepaalde modules uit die wij dan kunnen aanpassen verder in de artistieke context van interactie en presentatie. Sam's installatie is de eerste die we brengen in het pas met aarde gevulde dakterras. De bedoeling is nadien 2 zonnepanelen eraan toe te voegen zodat het onafhankelijk en permanent kan werken voor de rest van het jaar. Ondertussen vergaderingen met de mensen van het 'Beehive Observatory'. Ja we brengen binnenkort 2 bijenkorven in een stadsomgeving. Balt, de Franse stagiair werkt met Isjtar aan een "usb-beehive" waarbij de cyclus van de bijen kan gemonitord worden, en gebruikt voor een aantal nieuwe werken, later dit jaar. Enkel open source hardware: een kleine pc motherboard zoals je vindt in de populaire mini-pc's tegenwoordig, en de alomtegenwoordige arduino voor sensoren. De data gaan wireless over het internet. Maar ook over Reseau Citoyen, het autonome peer-to-peer netwerk in Brussel. Olivier Meunier bracht dit aan en momenteel werken we vaak als "art content provider" via dit netwerk. Bijen in de stad. Ecologische media kunst, we hadden het beloofd, en niet in fake new age zin.

http://www.kuda.org/?q=en/node/359
http://inderscience.metapress.com/app/home/contribution.asp?referrer=par...
http://www.kitchenbudapest.hu/
http://en.wikipedia.org/wiki/Telautograph
http://okno.be/node/166
http://okno.be/image/tid/45
http://reseaucitoyen.be/

7.
Na een week Brussel terug naar Praag. Redactievergadering met Dušan Barok voor de publicatie van Monoskop. Het wordt een overzicht van een andere visie op media kunst. Vanuit een 50 jaar ontwikkelen in Centraal Europa. Een discussie met Barb Huber over de geografische invulling. Deadlines voor bijdragen, design en print. Met Nina Czegledy werken we als editor aan de meer orale geschiedenis van recente media labs, media kunstonderwijs, open source en open initiatieven, experimenten, activisme. Het wordt een interessante zomer.
Dan met Michal Kindernay en Lenka Dolanova naar Hradec Kralove, naar de Petrov pianofabriek, die de 10 meter pianosnaren sponsort voor een werk in Bubeneč, het oude waterzuiveringsstation waar we het eerder over hadden. We krijgen er zowaar een rondleiding. De fabriek ligt al maanden stil door de crisis. Blijkbaar net zoals de andere piano makers. Dan naar čistirna (het waterzuiveringsstation). Gedurende een week maken we 2 installaties: een met klank en een met licht. In de 70 meter lang en 8 meter diameter ondergrondse tunnels, gevuld met 6 meter rioolwater. De nagalm is enorm. Donker. Isjtar arriveert uit Brussel, Marcio Dominguez uit Budapest. Beiden werken een sturing uit voor een lichtinstallatie met 7 LEDs, met de klank van het druppelende water rondom. Het wordt een niet-fotografeerbare, niet-filmbare installatie. Donker. Met een subtiel spel tussen water en licht. Zelf installeer ik met een kajak een paar pianosnaren onderwater. IJskoud. Het werkt niet zoals we gedacht hadden, maar het doet iets. Plannen om het zo te laten. Of later te veranderen. Het geluid in de tunnels krijgt een vreemd karakter. We werken verder aan de Art Pollution Kit. We denken na over een nieuwe visualisering. Een 3D omgeving in OpenGL. Later. Of afwerken in juni in Okno. Gewoon verder werken en nadenken over de integratie. Het wordt wel iets. Anders.

http://www.burundi.sk/monoskop/index.php/Collaborative_research_on_media...
http://societyofalgorithm.org/yo-yo/yo-yo/kanalizacni_ozveny_II.html

8.
Opnieuw in Bratislava. Met een hele lijst zaken die ik wil afhebben voor 1 mei. Maar ook kleren wassen, de flat kuisen, opnieuw de eeuwige administratie. Anders gaan eten en anders eten maken. Dan trek ik misschien de Tatra's in voor een paar dagen, uitrusten. Er is geen zee hier. Bossen en bergen wel. Het is een land met een traditie van zichzelf terug te trekken in de familie chata. Het duidelijkste antwoord ieder weekend tegenover een niet compatibele/participerende politiek en maatschappij. Misschien werken de groepen te geisoleerd aan hun nieuwe beelden. Misschien is dat eigen aan kunst in het algemeen. Gewoontes veranderen traag hier, ook niet na 20 jaar openen van grenzen. Maar het heeft zijn charmes, en natuurlijk irritaties. Andere houdingen in het met elkaar omgaan. Het doet je andere dingen zien. Het schrijven van deze tekst. Het voorstellen van een collaboratief technologisch project/workshop met uitgangspunt theater, in Muenchen. Ik lees verder Culture of the Future online. Het is een degelijke beschrijving van de geschiedenis van Proletkult, en het stelt pertinente vragen voor onderwijs, de huidige situatie en het wilde organizeren van workshops als praktijk van zelforganizatie. Hoe DIY en waar gaat het heen? De vragen hierbij zijn eigenlijk nooit beantwoord. Enkel halverwege gestopt. Een andere tekst, een beschrijving van een project dat gebruik maakt van de open source GPS/mapping tool openstreetmap. Eind mei komen een aantal jonge internationale kunstenaars naar hier, om een stadsproject op te zetten. Het proberen in kaart brengen van verschillende percepties van de stad. Andere trajecten als je blind bent bvb. of homeless. Een ander beeld van de stad. Op hetzelfde moment werkt Isjtar in Brussel aan een soortgelijk project, Shifting Metropolis. Het komt wel samen deze zomer. Gnd werkt aan zijn simulaties van "non-selfish and social agents" en we praten over mogelijkheden voor visualisering en sonificatie. Hij belooft de principes deze zomer te komen verduidelijken, publiek. In Okno's daktuin. Net naar een interessante tentoonstelling geweest, over Josef Čapek, die ontstellend eindigt met zijn laatste brief uit Buchenwald. Ik lees Karel Čapek's fabels over tuinieren. Boek een vliegtuigticket terug naar Brussel.

http://www.aa-vv.org/
http://www.escholarship.org/editions/view?docId=ft6m3nb4b2;brand=eschol
http://wiki.openstreetmap.org
http://okno.be/taxonomy/term/56

Bratislava, 23 april 2009.
Gívan Belá (fka Guy Van Belle)
Met dank aan iedereen van Okno, Col-me en Yo-Yo.